wielervaria 11
Het was soms wel afzien, maar het zit er weer op. Wat zit er weer op? Het winterseizoen natuurlijk. Ik vind dit wel een mooi moment om nog even een korte terugblik geven op de maanden die inmiddels achter ons liggen.Ten eerste wil ik het even hebben over het ‘spinnen’ in de schuur van Ton Vrolijk. Deze wekelijkse bijeenkomst op de woensdagavond werd net als voorgaande jaren goed bezocht. Het ging er af en toe behoorlijk fanatiek aan toe, zelfs als Theo er niet bij was. Ja, het was weer zweten en dat komt niet alleen door de training. Ton weet ook elk jaar weer een instructrice te regelen waar je het vanzelf warm van krijgt, nog bedankt hè Ton. Nu ik het toch over zweten heb, dit jaar was er voor het eerst iemand, in de persoon van Benno, die minstens evenveel zweet als ik. Na het spinnen deden we nog wat rek- en strekoefeningen, een beetje opdrukken en ‘sit-ups’ en gingen we daarna met een voldaan gevoel weer naar huis.
Iets waar je het een stuk minder warm van kreeg, was het mountainbiken op de zondagochtend. De eerste paar keer viel het wel mee, tot het eind november begon te vriezen. We gingen toen naar Voorthuizen toe, een leuke toertocht die elk jaar weer op het programma staat. Het is best een gezellig geluid, met z’n allen staan te klappertanden op een grasveld, terwijl je aan het omkleden bent. Gelukkig ga je daarna snel de bossen in, waar je minder last hebt van de koude oostenwind. Ikzelf kreeg het na een kwartiertje alweer warm (en begon zelfs te zweten), anderen hadden dat geluk niet. Door een aantal renners werd geklaagd over gevoelloze handen, voeten en andere ledemaatjes die niet zo goed tegen kou kunnen.
Het was best wel koud die dag, want het water in mijn bidon was zelfs bevroren. Dat was wel weer iets nieuws, want dat was mij de afgelopen vier jaar tijdens het mountainbiken nog niet overkomen. Ik ben er nog niet achter hoe ik dit nieuwe probleem in de toekomst ga voorkomen. Ik heb er over na zitten denken en nog geen oplossing kunnen bedenken. Ik kan een scheut alcohol door mijn drinken doen, dan bevriest het niet meer, maar dan fiets ik na een paar slokken ook niet meer. Dus als iemand nog een ideetje heeft dat wel werkt, laat het me dan even weten.
Zondag 22 december zijn we weer gaan crossen bij De Bataaf. Ik werd ’s ochtends wakker, zag de regen gestaag naar beneden komen en dacht bij mezelf:”dat wordt weer baggerhappen vandaag.” Toen ik om 9:50 bij de club aankwam, zag ik maar drie fietsen staan en begon ik bijna te twijfelen of het wel doorging. Gelukkig kwamen om 10:15 de rest van de amateurs ook nog, dus stond een redelijk groep aan het vertrek. Eerst reden we een tijdrit van één rondje voor het klassement en daarna moesten we van Theo weer de kleedkamer in. Want na de tijdrit gingen we nog een wedstrijd van een half uur rijden.
We startten in de kleedkamer, moesten één voor één naar onze fietsen toe lopen en vervolgens het parcours in tegenovergestelde richting afleggen. Dat was wel even wennen. Het tweede rondje reed ik bijna het water in en het laatste rondje reed ik nog tegen een boom aan die niet opzij wilde gaan. Na het crossen waren we zoals gewoonlijk weer bedekt met modder. Wij (en onze fietsen) werden vervolgens vakkundig schoongespoten door Piet, waarna het tijd was voor een warme douche en een kop thee in de kantine.
Dan wil ik het ook nog snel even de laatste toertocht noemen, die we reden in Driebergen. We vertrokken om 7:45 bij de club, zodat we rond 9:00 op de mountainbike konden zitten. Dat lukte aardig, we zaten om 9:05 op de fiets om in te gaan schrijven. We hebben wel Theo achtergelaten bij de Bataaf-bus, omdat hij nog niet klaar was met omkleden en de amateurs nog al ongeduldig waren. (Sorry Theo…)
De toertocht begon meteen goed. Het eerste stuk reden we met z’n allen, maar Dennis, Rob en Arie hadden een héél klein gaatje. Toen moesten we een spoorlijn over en je raadt het al, er kwam een trein aan. Dennis, Arie en Rob waren dus wel op tijd het spoor over en de rest niet. De lampen knipperden, maar de spoorbomen waren nog niet dicht. Ik keek naar links en rechts, zag dat de trein nog ver weg was en ben stiekem toch nog het spoor over gegaan. De voorsprong kon ik wel goed gebruiken, aangezien ik meestal als laatste terug ben bij een toertocht. Even verderop kwam ik Arie, Dennis en Rob weer tegen, die even de weg kwijt waren omdat de route slecht stond aangegeven. Ik ben ‘gewoon’ rechtsaf gegaan, omdat ik daar nog meer mensen zag fietsen. Toen lag ik plotseling voor het eerst dat ik me kan herinneren, op kop tijdens een toertocht.
Dat duurde maar een minuutje of tien, toen kwam eerst Dennis en even later ook nog Rob voorbij peddelen. Na een kwartier haalde ik Rob weer in, die na een tijdje vervolgens mij weer inhaalde, samen met Ron, Patrick en een aantal anderen die voor het spoor hadden staan wachten. Dat groepje moest ik na een tijdje laten gaan, maar ik kwam ze even later bij de rustplaats, ongeveer halverwege de tocht weer tegen. Ze stonden daar als een stelletje recreanten gratis bekertjes sportdrank achterover te slaan. Dus vanaf de rustplaats vertrokken we weer gezamenlijk, maar het groepje viel vrij snel uit elkaar en heb ik het laatste stuk naar de finish toe weer solo afgelegd.
Toen iedereen weer terug was, hebben we ons gauw omgekleed en zaten om 11:05 alweer in de auto terug naar huis. Onderweg hebben we nog wat gegeten en gedronken en bij terugkomst in Zwanenburg zat het mountainbikeseizoen er weer op voor dit jaar.
Voordat ik het vergeet, 12 renners van De Bataaf (waaronder ikzelf) zullen op 21, 22 en 23 januari 2003 een trainingskamp in Limburg afwerken. Dit is weer een ander verhaal, dus hiervan zal ik verslag doen in de volgende editie van “Uit de mongolenwaaier…”
Vincent